dinsdag 27 januari 2015

Het huwelijk. Eeuwige liefde of geld en politiek?

Of ik met mijn collega naar de trouw van zijn nicht wilde gaan. Ik zag het al voor me. Mijn collega neemt me mee als date en introduceert me bij de hele familie als zijn tweede vrouw. Of minnares. Of weet ik veel hoe hij dat zou verklaren. Hoe kon ik hier onderuit geraken? Dat ik zijn familie niet kende, noch het bruidspaar, was blijkbaar geen excuus. Dan misschien toch maar gaan en wat traditie opsnuiven.

Vrijdagavond, net terug van een week in Kaabong waar ik mee workshops organiseerde voor water user committees. Een frisse pint kan ik wel gebruiken, dus trek ik samen met enkele vrienden naar Mount Moroto hotel, “The pride of Karamoja”. Al snel bespreken we onze weekendplannen. Blijkt dat Teba en Maria ook naar een trouw gaan. In hetzelfde district. In hetzelfde dorp. Jawel, dezelfde trouw! Kende Maria het bruidspaar dan? Of ging ze als date van Teba mee? Niets van dat. Blijkbaar is het doodgewoon dat iedereen binnenloopt op een trouw, of je het bruidspaar nu kent of niet. Dat is dan ook voor mij al een zorg minder. Ik ben dus niet de date van mijn collega. We besluiten om nog een moto te huren en met ons vieren op pad te gaan.

Eindelijk kan ik dan mijn kleedje aantrekken dat ik speciaal mee heb voor dit soort gelegenheid. Zelfs make-up wordt vanonder het stof gehaald. Stof. Plots realiseer ik me dat ik anderhalf uur achterop een moto zal zitten, rijdend over een zandweg met opwaaiend stof. Dat kleedje, dat werkt al niet achterop een moto. Make-up is evenmin een goed idee, dat laat het stof enkel maar meer plakken. Dan maar back to basics: jeans, bloesje en een paar oorbellen. Snel nog een paar leuke tassen kopen, wat geld in steken en een cadeautje heb ik ook al klaar.

In Lotome gaan we eerst op bezoek bij Teba’s familie. Onder een grote boom zetten we ons op een bankje en beginnen gezellig te kletsen met de broer, vader en moeder. Er wordt ons frisdrank aangeboden en zelfgemaakte wijn. Daar wil ik uiteraard alles van weten. Sap van 70 appelsienen, 1 kilogram suiker per theelepel gist en water is alles wat je nodig hebt voor dit heerlijke goedje. Dat wordt uitgetest! Na een tijdje vertelt de jongere broer dat hij niet kan trouwen zolang Teba, zijn oudere broer, niet getrouwd is. Anders zal hij een extra stier moeten betalen, als een soort van boete. Bovendien zal hij Teba en zijn vrienden (wij dus eveneens) uitnodigen voor een rondje schelden. Dat laatste is uiteraard symbolisch, haast hij zich te vertellen. Maar de moeder wilde me wel als schoondochter verwelkomen, zei ze met een dikke knipoog. Wordt vervolgd?

Simon is groot (en wij klein)
Op bezoek bij Teba's familie
Het huwelijk is eigenlijk geen huwelijk, maar een introductie. Een soort verloving zeg maar. Eén van de belangrijkste aspecten is het herbevestigen van de bruidsprijs. Deze werd vroeger voornamelijk betaald in koeien en geiten, maar vandaag de dag gebeurt dit ook in geld. De familie van de verzamelt geld in en betaalt dit aan de familie van de vrouw. Het voelt ergens aan alsof een vrouw verkocht wordt, maar ik moet me er nog meer in verdiepen om te zien wat er nog achter zit. Er zijn wel enkele problemen aan gerelateerd. Zo ging men soms koeien stelen van een naburige clan, om de bruidsprijs te kunnen betalen. Dit leidde uiteraard tot conflict tussen de clans. Daarnaast is er uiteraard ook het statusverlies, als je geen bruidsprijs kan betalen, kan je niet trouwen. Je kan samenleven, kinderen hebben enzovoort, maar je bent niet echt getrouwd in de ogen van de maatschappij.  Zo is vreemdgaan als vrouw pas écht erg als je getrouwd bent, omdat dat je hele familie, die meebetaald heeft aan de bruidsprijs, in diskrediet 

Het was een grote bijeenkomst. Dit is niet traditioneel Karimojong, om hier zo'n groot event van te maken. Klein detail: de UNICEF tent heeft vele functies!

De Karimojong houden van kraaltjes, en op feesten halen ze hun mooiste accessoires boven

Paparazzi! 

De familie van de bruid die het feest in goede banen leiden (mijn collega is diegene met het ruiten hemdje).
Naast het herbevestigen van de bruidsprijs zijn er speeches. Véél speeches. De campagnes voor de verkiezingen van 2016 zijn gestart. En de vader van de bruid strijdt voor een positie in het district. Er was dus veel politiek vertoon. Veel mensen waren aanwezig om zich te laten zien, als onderdeel van een politieke campagne. Na enkele uren van speeches werd dit onderbroken door een leuker aspect: het uitzoeken van de bruid. Het eerste groepje verschijnt: meisjes van een jaar of 10, allemaal gelijkaardig gekleed. De bruidegom wordt gevraagd of zijn bruid hier tussen zit. Nee? Dan komt de volgende groep, iets ouder deze keer. Zo passeren er een aantal groepjes, tot er een gesluierd groepje aankomt. Deze keer zit ze ertussen. Maar zal hij haar enkel aan haar gestalte kunnen herkennen? Anders wacht hem een boete van 1 miljoen Ugandan Shilling. Maar hij doet het! Tranen van vreugde bij de bruid, een uitgelaten massa roept en danst. Daarop volgt de overdracht: de bruid gaat aan de andere kant van de ruimte zitten, bij de familie van de man.

Deze kleine meisjes werden alvast teruggestuurd. De bruid zat er niet tussen.

Zou één van deze jongedames de bruid zijn?


Of één van deze dames?

Misschien een Afrikaanse big mama?

Hier zit ze zeker tussen. Maar dit wordt moeilijk kiezen...
De ceremonie wordt vervolgens onderbroken voor eten. Daarna zouden er nog speeches komen. Echt politieke speeches deze keer, met “goede raad van wijze mannen”. Maar het wordt donker, en wij zijn blij dat we ervandoor kunnen op onze moto’s, over de stoffige, hobbelige weg, met een prachtige zonsondergang over de steppes.
Tradities worden gemixt: ook cake hoort er dit keer bij

Going back home! 

donderdag 15 januari 2015

Interculturaliteit zit hem in de kleine dingen: the story of a couch

Interculturele vaardigheden. Drie dagen hebben we eraan gespendeerd tijdens onze voorbereiding. In tegenstelling tot wat we vreesden, was dat een fantastische opleiding. We gingen op zoek naar onszelf en hoe we reageren in een andere culturele setting. Hoe we omgaan met conflict, verandering en hoe we communiceren. En hoe dat gepercipieerd kan worden. Maar hoe goed een training ook is, de echte training kom je pas tegen in het alledaagse leven. Bijvoorbeeld bij de aanschaf van een zetel.

Mijn huisje in Moroto ontbrak het nog aan een gezellige zetel om een filmpje in te kijken of om gasten een comfortabele zitplaats aan te bieden, in plaats van die ene houten stoel. Na mijn vakantie was ik nog één dag in Kampala om een aantal administratieve zaken in orde te brengen. En ik had tevens tijd om op zoek te gaan naar een zetel. De dag verliep ongelooflijk efficiënt en weerlegde alle stereotypes over Afrika. Goedgezind hielp Godwin, een boda-chauffeur, mij om de hele stad te doorkruisen voor administratie en een aantal aankopen (want kaas en gelijkaardige geneugten van het leven vind je niet in Moroto), waaronder een zetel. Godwin toonde eindeloos geduld en hielp me met de onderhandelingen. De deal was gesloten, en trots laadde ik mijn zetel achterop een andere boda (moto-taxi). Geen ontvangstbewijsje of niets, en daar vertrok die boda met mijn zetel in de drukte van Kampala. Zou het de laatste keer zijn dat ik die zetel zag? Zou er binnenkort in iemand anders' huis in mijn zetel hartelijk gelachen worden om die naïeve muzungu? Neehoor, na wederom de hele stad doorkruist te hebben, zag ik de boda met mijn zetel op me wachten op de afgesproken plek. Mijn vertrouwen in mijn medemens kreeg weer een boost. Zeg nu nog eens iets over "die Afrikanen"! 

Maar later die dag kreeg ik dan toch mijn lesje in interculturaliteit. Ik weet dat in Oeganda er niet graag “nee” gezegd wordt. Vaak wordt er rond de pot gedraaid, of wordt er ja gezegd en nee bedoeld. De kunst is om dat te herkennen en toch de juiste informatie te verkrijgen. Ik dacht dat me dat best goed lukte, zeker op een dag als deze waar alles op rolletjes liep.

Het plan was om de zetel mee op de bus te nemen naar Moroto, in de laadruimte. Ik wist dat ik meer zou moeten betalen. Ik wist ook dat de zetel misschien niet meekon met dezelfde bus als waarmee ik naar huis ging. Vol zelfvertrouwen ging ik dat dus eventjes regelen.
Zoals afgesproken staat de taxi om half 2 ’s nachts aan mijn deur in Kampala. Een beetje knutselwerk en daar hangt de zetel op/onder/naast de auto. Wederom ben ik onder de indruk van de handigheid van de Oegandezen. Alles krijg je vervoerd, als je maar wil. Of het nu 20 kippen op een moto zijn, 15 mensen in een minibusje of een zetel in een auto met bijna geen laadruimte. Om twee uur staan we aan het buspark, in een gure buurt. Bij aankomst vraag ik direct naar alle praktische beslommeringen, met ondersteuning van de vriendelijke taxichauffeur, en ik krijg de bevestiging dat de zetel mee kan. Als het niet vandaag is, dan wel morgen. Eventjes wachten op de verantwoordelijke, en dan kan ik mijn ticketje betalen voor de zetel en een ontvangstbewijs meenemen om de zetel later in Moroto op te pikken. Top! Ik neem afscheid van de taxichauffeur en placeer mij in mijn zetel, naast de bus. Handig toch dat het net een zetel is die ik moet vervoeren. Daar kan ik rustig twee uur in wachten tot de bus vertrekt.

Elk kwartier vraag ik naar de stand van zaken, met als antwoord dat ik eventjes moet wachten. Dat de man me niet echt aankeek, dichtte ik toe aan verlegenheid. Ergens rinkelde een belletje, maar dat negeerde ik. Ik had het toch allemaal netjes geregeld, niet? Uiteindelijk begon het belletje harder en harder te rinkelen en stond ik op mijn strepen om de verantwoordelijke te zien. “Je zetel kan niet mee”.  Pardon? Ik herhaal mijn vraag. “Je zetel kan niet mee!”, werd me deze keer toegesnauwd. “De laadruimte is te klein!”. Hoogst onbeleefd van hem om te roepen, want in Oeganda wordt dit gezien als een teken van onvolwassenheid. Even denk ik dat het misschien om geld draait, maar nee. De man voelde zich waarschijnlijk zelf ongemakkelijk omdat hij wist dat ik ging achterblijven in Kampala. Met mijn zetel. En zo geschiedde. 
De bus vertrok vijf minuten later (en dus een half uur te vroeg, wie had dat ooit gedacht!), waardoor ik geen tijd meer had om iets te regelen. De taxichauffeur terug uit bed gebeld, en na een slapeloze nacht weer op weg naar een zacht bed bij mijn lieve en begripvolle vrienden in Kampala. Met mijn zetel.

Moraal van het verhaal: wees attent voor culturele signalen (denk niet dat iemand “gewoon” verlegen of onbeleefd is) en luister naar de belletjes in je hoofd. En mijn zetel? Die wordt nu gebruikt door mijn vrienden in Kampala. Totdat ik iemand vind die hem mee wil en kan nemen met de wagen. 

dinsdag 13 januari 2015

And a happy new year !

Op safari op zoek naar olifanten voor mijn nichtje, luieren aan een prachtig meer, lekker eten, uren klimmen naar het drielandenpunt Congo, Rwanda en Oeganda… en dat allemaal in goed gezelschap. 2014 werd goed geëindigd en 2015 goed gestart!

Eerst werd het werkjaar stemmig afgesloten met een barbecue. De geit kwam recht uit de prairie, vol van een dag grazen. Verser en biologischer vlees kan je denk ik niet vinden. En wat voedselverspilling betreft: alles word gebruikt. Alle ingewanden belanden op de barbecue (maag, darmen, lever,…) en het bloed wordt apart gekookt met wat ajuintjes en zout. Het lijkt een beetje op beuling, maar met de textuur van gehakt. Interessant, en best lekker. Verder zorgde mijn radiootje voor de muziek en de collega’s en gasten voor de sfeer. Een aantal pintjes en kampvuurgesprekken later, gingen we in de vroege uurtjes allemaal naar huis. Daar stond nog één taak te wachten: inpakken. Om half 6 moest ik immers aan de compound van de VN in Moroto staan, om een lift naar Mbale te krijgen. Cruciaal, want uit Moroto geraken is altijd het moeilijkste deel van de reis.

Iets meer dan twee weken vakantie kwamen eraan, en die worden goed gevuld. In het nationaal park Murchisson falls zie ik de Nijl vlakbij de bron: een bulderende rivier die zich in de diepte stort met een vernietigende kracht. Beestjes kijken hoort daar uiteraard ook bij. Op safari zien we giraffen en antilopen en een vers kadaver. Jammer genoeg zonder de leeuw. Eén van de antilopen is gekend om zijn kort geheugen: wanneer het hartebeest wegvlucht van een leeuw, stopt het na een poosje om na te denken waarom het nu weer aan het lopen is. Ideale prooi, de leeuwen daar hebben ongetwijfeld zelden honger.
 
Baboons vind je overal langs de weg
Waterbucks aan de rand van de Nijl
Ugandan kobs aan het stoeien
Het hartebeest, met een zeer kort geheugen
Er blijft nog maar één dag over en nog steeds geen leeuw of olifant gezien. En dat heb ik nochtans beloofd aan mijn nichtje…  De boottocht op de Nijl is mijn laatste kans. We zien nijlpaarden. Véél nijlpaarden. Die kolossen zijn blijkbaar sneller dan dat ze lijken. Tot 30 km per uur kunnen ze halen! En dat met hun gewicht tot 3 ton, maakt dat je toch even slikt als er ’s nachts zo-een naast je tent staat te grazen. 

Nijlpaarden in de Nijl. What's in a name?
Maar daar, daar staan ze dan: aan de oever van de Nijl zijn tientallen olifanten aan het drinken. Wat een prachtige kolossen!

Murchison Falls

Drinking Nile Special on the Nile, with our lovely traveling team!
De realiteit van de hedendaagse reiziger: smart phones, cameras,...
we kunnen niet meer zonder elektriciteit!
Deze krokodil leek bijna opgezet. Doodstil lag ze daar, met haar gapende bek. 


Tent op safari

Buffels waren uiteraard ook van de partij

Een gier, maar jammer genoeg geen roofdier met haar prooi

Mijn favoriet, de giraf!
De kerstperiode draait voornamelijk om lekker eten en de omgeving rond Fort Portal verkennen. Op bezoek bij een andere junior in Fort Portal vormen we een groep van een vijftal personen om Kerst te vieren. Samen koken, brunchen, een moeras met veel apen en prachtige kratermeren bezoeken. We trekken er te voet, met de boda, de taxi en de fiets op uit. Dat laatste is een huzarenstukje. De eerste fiets gaat al stuk na 500m. Bovendien hebben de dames van het gezelschap allemaal last van het zeer harde mannenzadel. Boda’s en auto’s snijden ons de pas af, en blazen het stof in onze ogen en longen. Maar deze ongemakken vergeten we snel, door de vrolijk springende en wuivende kinderen “how are you, how are you, how are you”, de vriendelijkheid van de dorpelingen die ons steeds de weg wijzen en het prachtige landschap - met aapjes. 

Fietsen in de buurt van Fort Portal

White Colobus
Red Colobus
Onze groep wordt nog uitgebreid en we kruipen met zijn achten en een chauffeur in een busje. Net zoals bij het fietsen, zijn we ook nu weer creatief met ongemakken. Soms persen we ons met vier op de smalle bank, soms legt iemand zich op de grond (ideaal voetenbankje voor de rest),… tot we de perfecte oplossing vinden: het dak! Prachtige vergezichten en lekker uitwaaien, met een pintje in de hand. Dat dit de meest oncomfortabele plek is voor ons achterwerk, nemen we er plots met plezier bij. En naar gaat ging de rit? Lake Bunyoni. Eén van de meest rustgevende plekken van Oeganda. Een kratermeer, wat volgens de lokale bevolking het derde diepste meer ter wereld is, bezaait met heuvelachtige eilandjes. Eén van de weinige meren ook dat gekend staat als Bilharzia-vrij. Zorgeloos parasietvrij zwemmen is dan ook de leuze waarmee we het oude jaar eindigen en het nieuwe jaar inzetten.

Matoke, véél matoke

Aapjes langs de weg
Lake Bunyoni

Avondmaal: kleine kreeftjes in lake Bunyoni

Dorpje onderweg

Lake Bunyoni

Ideaal: pintjes op het dak van de bus, met prachtig uitzicht
 Na al dat relaxen en enkele kilootjes zwaarder, wordt het tijd om nog eens wat actie te ondernemen. De top van Mount Sabyinyo is ons doel. Een voet in Rwanda, één in Congo en dan nog een hand in Oeganda zou de beloning zijn. Dit is één van de steilste bergbeklimmingen die ik ooit gedaan heb. Een groot deel van het pad bestaat uit ladders. Uitdagend, want de ijle lucht op die hoogte zorgt ervoor dat we soms moeilijk kunnen ademhalen. Klimmen maar! De omgeving is prachtig. We passeren moerassen, dicht bamboebos en magische bomen vol Spaans mos. De vergezichten over het Congolese oerwoud zijn de kers op de taart van een deugddoende vakantie. 

Mount Sabyinyo
En dan… Terug naar huis. Terug naar Moroto. En ik ben blij om weer in Karamoja te zijn!

donderdag 18 december 2014

Traditionele hongerstaking als protest tegen landroof

Een landconflict in de buurt van Moroto leidde tot een traditionele vorm van protest: een hongerstaking. Via het Karamoja Development Forum kon ik er bij zijn en deelnemen aan een heel traditionele ceremonie van de Karamajong.

De context van het landconflict


Zaterdagavond vertelde Maria me dat er een conflict rond landrechten was in een naburige gemeenschap, Kautako. Een deel van hun gemeenschapsland is verkocht en daar zou een industrieel park komen. Dit stuk land staat echter centraal in het culturele en sociale leven van Kautako: hun voorouders zijn er begraven en alle heilige rituelen worden daar uitgevoerd. Daarnaast dient dit als graasland voor hun dieren. Bovendien zijn er plannen voor een cementfabriek. Van een economisch perspectief zou dit positief zijn, gezien de groei van Moroto en de nood aan cement. Maar, de kans bestaat dat dit de omgeving zo zou vervuilen, dat ook het omringende land niet meer leefbaar zou zijn. Het land dat zo cruciaal is voor hun levenswijze. 

Maar hoe belandde dit land in de handen van enkele rijke individuen die met land speculeren? Eén van de scenario’s die circuleren is het volgende: een charmante zakenman nodigt één van de ouderen uit voor een drink. Doordat hij opgegroeid is in Karamoja, spreekt hij de lokale taal en kent hij de culturele gebruiken. Zo kan hij de oudere, die hij steeds drank bijschenkt, inpakken met mooie woorden. Vervolgens laat hij de oudere zijn duimafdruk zetten op een papier. Een papier dat deze oudere niet eens kan lezen, want net als zovelen in Karamoja heeft hij nooit leren lezen en schrijven. En zo werd gemeenschapsland in een handomdraai verkocht. Later verkocht de zakenman dit stuk land met enorme winst.

Uiteraard is dit maar één van de scenario’s die circuleert. Verder onderzoek moet nog aantonen in welke mate het stuk grond rechtmatig verkregen is of niet. Het problematische is de term “gemeenschapsland”. Voor talloze jaren functioneerde dit perfect in deze pastoralistische samenleving. Maar in een context waarin “papier” zoveel belangrijker wordt, is de rechtsbasis van gemeenschapsland erg vaag. Van wie is het? Wie kan de gemeenschap vertegenwoordigen? Hoe kan dit land verkocht worden? Wat is “voldoende” overleg? In deze specifieke case lijkt het dat er vanuit een strikt rechtenperspectief het land rechtmatig verkregen is door de nieuwe eigenaar. Maar dat er een zekere mate van onrecht gepaard ging met de verkoop, is duidelijk. De gemeenschap besefte duidelijk niet wat de gevolgen waren van de verkoop (als ze al op de hoogte waren), net doordat ze analfabeet zijn en deze complexe eigendomsprincipes niet kennen. Bovendien is er een uiterst lage prijs betaald, wat de zakenman ongetwijfeld wist. Maar voor de lokale, arme bevolking is er weinig verschil tussen pakweg  100 euro en 100 000 euro. 

Vorige week voerde de gemeenschap protest, toen de Minister voor Karamoja langs het terrein passeerde (zie Daily Monitor).
Daily Monitor: "We didn't know that you removed our guns so that you can come and raid our land"
Zondag vond er dan een traditionele hongerstaking plaats. Dit is één van de zwaarste protestvormen die er is in de Karamajong cultuur en toont dus duidelijk de ernst van dit conflict aan. En het vee, centraal in het leven van de herders, nam er aan deel.

Een hongerstaking waaraan zelfs het vee aan deelneemt 


Het is zondag, en we vertrekken vroeg in de morgen. Ik vergezel Simon en Teba, bezielers van het Karamoja Development Forum en Maria, vrijwilligster bij het KDF. Het KDF pleit voor ontwikkeling voor en met name door de Karamajong. Ze geven hen een stem en zetten zich in om hun rechten te verdedigen. Doorheen de dag zal blijken hoe gepassioneerd deze twee jonge mannen zijn en hoe ze zich in hun vrije tijd volledig inzetten voor Karamoja. Beiden behoren tot de Karamajong elite, daar zij één van de weinigen zijn die een universitair diploma hebben. Maar zij tonen een ongelooflijke trots over hun cultuur. Simon, lijkt op het eerste zicht eerder ingetogen. Maar later zal hij helemaal openbloeien en ons honderduit vertellen over de tradities bij de Karamajong.

Na een hobbelige rit van 20 minuten op boda-boda’s (moto-taxis), gaat de tocht te voet verder. We worden geïntroduceerd bij de gemeenschap en wachtten in spanning af wat er zal gebeuren. De hele gemeenschap komt samen op de heilige grond, en ze brengen hun dieren met hen mee.  

De herders brengen hun dieren naar de ceremonie

Iedereen verzamelt voor de bijeenkomst
De Akiriket (raad van ouderen) verzamelt en de ziener duidt het dier aan dat geofferd zal worden. De andere mannen groeperen en houden hun speren hoog in de lucht. Door middel van opzwepend gezang en een mars wordt de eigenaar van het dier overtuigd om te aanvaarden om zijn stier te offeren. Wanneer deze uiteindelijk accepteert, wordt er op zoek gegaan naar een vrijwilliger die de eigenaar wil compenseren voor het verlies van zijn stier. Deze vrijwilliger geeft één van zijn dieren aan de eigenaar van de stier en krijgt daardoor de eer om de stier te offeren.

Onderhandelen over het te offeren dier
Met één speerstoot wordt de stier gedood. Vervolgens wordt onder het toeziend oog van een oudere het dier geslacht, zonder hierbij bloed te verspillen. Eén heilig deel van de stier wordt onmiddellijk verwijderd en naar de ouderen gebracht. Het bloed wordt opgevangen en wordt onmiddellijk door de ouderen gedronken, ter ere van het dier en de voorouders. Ook de darmen worden naar de ouderen gebracht en de ziener leest er de toekomst in voor de clan. Dit gebeurt voornamelijk om regenpatronen te voorspellen en te beslissen of er gemigreerd wordt naar ander graasland. Maar deze keer gaat het over het land van hun voorouders, en of ze hier zouden kunnen blijven wonen. Bij het slachten wordt tevens een maag met mest opzij gehouden, voor een later deel van de ceremonie. Tot slot wordt het vlees verdeeld. Het merendeel hierbij gaat naar de vrouwen en kinderen, de mannen krijgen het andere deel en beginnen dit te roosteren.

De oudere kijkt toe op het slachten van de stier
Eén voor één drinken de ouderen van het bloed
Ondertussen zijn de vrouwen aangekomen. Zij brengen water, melk en een lokaal brouwsel naar de ceremoniële plek, maar houden een respectvolle afstand van de ouderen. Passend voor de gelegenheid hebben de vrouwen zich getooid met onder andere schorten van geitenhuid. Net als ik me bij hen vervoeg beginnen ze te dansen. Springen, dansen en zingen, met scherpe uithalen van hun stem. Stokken vliegen de lucht in, rokken zwaaien en een soort didgeridoo vergezelt hun dans. Mijn hand wordt gegrepen en ik word mee de groep in getrokken. Hilariteit alom! Vooral als ik hun scherpe trillende uithalen met hun stem probeer na te doen, wordt er flink wat afgelachen. Mijn didgeridoo-capaciteiten worden daarentegen wél geapprecieerd. Dankjewel Alix, die didgeridoo op ons appartement heeft mijn gezicht gered! 

De vrouwen komen aan, met lokaal gebrouwen bier

De oudste vrouwen verdelen het drinken, terwijl de jongere vrouwen dansen
Wanneer ik samen met enkele oudere vrouwen uitpuf onder de boom wordt het serieuzer. Een vrouw vraagt me waarom ik hier ben. Als ik haar vertel dat ik graag wil begrijpen wat er gaande is in verband met het landconflict, wordt haar blik hard. Doordringend kijkt ze me aan. “Dit land is voor mij mijn leven. Mijn voorouders leefden hier en zij zijn hier begraven. Hier komen we voor onze rituelen en voor het verzamelen van speciale stenen voor het bewerken van de melk. Zonder dit land weet ik niet waar ik naartoe moet. Naar waar gaan wij? Naar waar gaan onze voorouders? Moeten wij hen opgraven? Wij kunnen niet weg. Wij gaan niet weg.” Simultaan vertaalt Simon wat de vrouw vertelt, maar ik kan haar blik niet lossen en geraak vervuld met droefheid. Hoeveel kans is er dat zij het kunnen winnen van de rijken en machtigen?



De hongerstaking voor het vee begreep ik initieel niet echt. Want hoewel het vee rondom de heilige plaats bleef en niet op stap mocht met hun herders, graasde het uiteraard wel. Maar dan komt het: elke familie brengt hun koeien en geiten bijeen en leidt de dieren in een grote cirkel rond de heilige plaats. Om de zoveel meter stoppen en dansen en zingen ze. Typerend aan de Karamajong is dat ze dan springen. En ze springen hoog! 

Dansen rond het vee
Weeral werden wij hartelijk uitgenodigd om mee te doen. Aangezien wij er niet op gekleed waren –want wat was dat met die broek? Ik moest een rok aan, om goed te kunnen zwieren! – werd ik door een vrouw een halsketting gegeven, kreeg ik een short van geitenhuid en een vlag rond gebonden en werd er snel een staf voor me geïmproviseerd. Na een korte les springen kon ik er helemaal tegenaan! 
Aangekleed en springen maar!
Lokaal gebrouwen bier werd rondgedeeld
We keerden terug naar de ouderen, die nog steeds onder de boom beraadslaagden. De hele voormiddag hadden zij problemen en uitdagingen voor hun land bediscussieerd. We nemen plaats op een respectvolle afstand, op het uiterste randje van de schaduw. Dit is immers een plaats voor mannen, en we wisten niet goed of we als vrouwen daarbij mochten zijn. Maar dan komt het mestgedeelte. Alle mannen die geïnitieerd waren (een ritueel om over te gaan naar volwassenheid) ontbloten hun bovenlijf en worden ingesmeerd door de ouderen met de mest. Hoofd, bovenlijf en armen. En wij, wij mogen ook mee in de kring. Anticiperend op het verschil in cultuur neemt de oudere voor ons slechts een klein beetje mest. Hij smeert hiermee lichtjes ons voorhoofd, hals, armen en voeten mee in. 
De mannen worden met heilige mest ingesmeerd
Dit mutuele respect typeerde de hele dag. Blijkbaar maakte het merendeel van de clan zich vooral zorgen of we wel de hele dag in de zon zonder voedsel aankonden, en waren dan ook diep onder de indruk dat die fragiele Westerse meisjes daar toch bleken tegen te kunnen.

Vervolgens worden de koeien besprenkeld met de mest en dit is het signaal om de hongerstaking te beëindigen. Het vee vertrekt om te gaan grazen met hun herders en de gebeden worden ingezet. De oudste van de ouderen leidt, en de anderen antwoorden. Dit antwoord is meestal één alomvattend woord, dat verwijst naar het samenzijn, naar het heden, naar dit unieke moment. En dan wordt het vlees verdeeld, en onze gastheren geven ons een flink stuk. Met sterke, intense en uiterst hartelijke handdrukken nemen we afscheid en vangen de terugtocht aan. 


Simon
Hou houd ik die stok vast... Zo? 
Zo dan maar?
Teba doet het even voor

Euforisch: zo!
Deze dag was er één om niet snel te vergeten. Ik leerde zoveel over de traditionele cultuur van de Karamajong, hoe hun dieren centraal staan in hun leven, en hoe het beheer van gemeenschapsland een enorme uitdaging is voor hen in de 21e eeuw. Waar dit conflict naartoe gaat is nog onzeker. Ik hoop dat alle partijen samenkomen in een evenwaardige dialoog en dat er een vreedzame oplossing gezocht wordt. Ook Maria was helemaal overweldigd bij de ervaring. Lees zeker ook haar blog (Engelstalig en met prachtige foto’s) via deze link .

Tot slot nog een kort filmpje:


maandag 15 december 2014

MO*paper over rondtrekkende veehouders

Dierenartsen Zonder Grenzen heeft net een MO*paper gepubliceerd over rondtrekkende veehouders, geschreven door Koen Van Troos, onze beleidsmedewerker. De volledige papier is hier te lezen en is heel erg de moeite om een beter beeld te krijgen van de nomadische veeteelt en de uitdagingen waarmee deze veehouders te kampen hebben.

Hieronder alvast enkele interessante quotes uit de paper met een paar toevoegingen van mezelf over de situatie in Karamoja:
"Mobiliteit staat centraal in het leven van de nomadische veehouders. Door rond te trekken, maximaliseren ze het potentieel van droge en semi-aride gebieden en overtreffen ze de productiviteit van andere landbouwmethodes in gelijkaardig klimatologische omstandigheden, zoals de sedentaire veeteelt en de akkerbouw. Mobiliteit zorgt voor een optimale productiviteit, is essentieel voor de handel en doet ook dienst als overlevingsstrategie."
"Veehouders hebben weinig vertrouwen in banken en investeren liever in kuddes dan hun geld toe te vertrouwen aan een bank. Zo vormt de kudde een soort van mobiele spaarbank die de familie de hele tijd bij zich heeft."
Voor de Karamajong zijn hun koeien en geiten veel meer dan enkel voedsel of marktwaar. Naast de beschreven spaarbank, staan deze dieren ook centraal in al hun culturele en sociale rituelen: de bruidsprijs bestaat uit koeien en geiten, de kledij tijdens rituelen is deels gemaakt uit huiden van dieren (en de rok doet tijdens de dans zelfs denken aan een koeienstaart) en de ziener leest de toekomst in de darmen van een geofferde geit. Elk offer dat gebracht wordt, gebeurt duidelijk met pijn in het hart en met een groot respect voor het dier.
"Rondtrekkende veehouders hebben een strategisch voordeel omdat ze hun dieren gebruiken om lokale vegetatie – die niet geschikt is voor menselijke consumptie – om te zetten in hoogwaardig voedsel en energie. Doordat ze een eeuwenoude praktijk beoefenen, zijn hun dierenrassen aangepast aan de schaarse vegetatie en de moeilijke levensomstandigheden. Op die manier dragen ze bij aan de biodiversiteit. Ze blijven nooit lang ter plaatse, zodat de vegetatie voldoende tijd heeft om zich te herstellen en opnieuw te groeien."
"Verder draagt de rondtrekkende veehouderij bij tot de voedselzekerheid en een betere voeding. Dierlijke producten bevatten namelijk eiwitten, vetten en voedingsstoffen als ijzer, zink en vitamine A. Die voedingsstoffen leveren noodzakelijke energie voor iedereen en zijn essentieel voor mensen met een beperkte toegang tot voedsel, zoals jonge kinderen."
Zoals sommigen onder jullie weten, at ik in België veelal vegetarisch, voornamelijk door mijn verzet tegen de grote ecologische voetafdruk van het vlees in de supermarkt. Land wordt geroofd van boeren in Brazilië om onze koe te kunnen voeden. En die boeren kampen daardoor zelf met voedselonzekerheid, terwijl ons veevoeder op hun land groeit. Bovendien draagt onze intensieve veeteelt bij aan klimaatverandering en wordt er enorm veel water verbruikt. En zo zijn er talloze argumenten en voorbeelden waarom de intensieve veeteelt en onze hoge vleesconsumptie in België niet duurzaam is, met uitzondering van enkele kleinschalige, doordachte initiatieven.

Hier is mijn positie ten aanzien van vleesconsumptie volledig anders: vlees en zuivelproducten zijn ten eerste erg noodzakelijk voor de bevolking om in hun voedselbehoeftes te voorzien. Daarenboven dragen de rondtrekkende veehouders net bij aan biodiversiteit en is hun manier van leven net één van de meest productieve voor dit semi-aride land. Tot slot, hebben de dieren hier een prachtig leven: ze grazen de hele dag in hun kudde, vergezeld door hun herder.

De paper focust ook op een aantal uitdagingen

Eén daarvan is de impact van klimaatverandering. De uitkomst van de klimaattop in Lima was jammer genoeg weer beperkt in dit opzicht. Ja, er werden beloftes gemaakt inzake uitstootvermindering (voor wat deze beloftes waard zijn, kijk maar naar voorgaande beloftes). Maar wat met de aanpassing aan de gevolgen van klimaatverandering, die voornamelijk ontwikkelingslanden treft? Droogtes en onregelmatige patronen van regen (die dan vaak ineens te hevig zijn), teisteren Karamoja. De boeren en agropastoralisten weten niet meer waaraan en waaraf: zal deze keer de regen op tijd komen? Of zoals vorig jaar met twee maanden vertraging? En als de regen komt, zal die dan zo hevig zijn dat de volledige oogst wegspoelt? 

Een ander aspect is landrechten. Dit weekend heb ik een lokale gemeenschap ontmoet waarvan zonder overleg een deel van hun land ontnomen werd (hierover volgt nog een uitgebreide post). Speculatie met land is alomtegenwoordig, en de lokale, vaak analfabete bevolking, verliest zonder inspraak haar land. 

Een aangepast wettelijk kader, met inspraak van de lokale bevolking, is dan ook broodnodig om hun rechten en levenswijze te respecteren. 
"Hoe komt het dat deze politieke wil ontbreekt in verschillende landen en regio’s in Afrika? Enerzijds worden rondtrekkende veehouders nog te vaak gemarginaliseerd, niet erkend voor hun bijdrage in de reële economie en hebben ze geen toegang tot de beleidsprocessen. [...] Anderzijds is er dus ook nog onvoldoende kennis en begrip voor de nomadische veetelers.[...] nationale politici en lokale autoriteiten beschouwen rondtrekkende veehouders als onruststokers en vinden hun manier van leven ouderwets."
Maar integendeel...
"Als hun mobiliteit gegarandeerd en wettelijk verankerd zou zijn, zouden zij ten volle kunnen bijdragen aan de voedings- en voedselzekerheid, de economische ontwikkeling en het terugdringenvan de klimaatverandering."